mop
jantje en zijn oma waren aan het wandelen en jantje kwam een euro tegen van vijf euro en hij raapte dat op.
en zijn oma zei: nee jantje, alles wat op de grond ligt dat mag je niet oprapen.
en dan vond hij onderweg in de veldstraat nog een euro en dat was van tien cent. en nog in een andere straat heeft hij nog een euro gevonden.
en dan opeens viel zijn oma. en oma zei: jantje! wilt ge nekeer mij oprapen?
nee, want ge zei: alles dat op de grond ligt moogt ge niet oprapen, dus!